menu accessible_menu

Toegankelijkheidsopties

language
Cirkel Vierkant Driehoek

Ondersteuningskaart langdurig zieke leerlingen VO

Basisondersteuning

Deze ondersteuningskaart is bedoeld voor onderwijsprofessionals. Samen met de bijbehorende kenniskaart biedt het scholen een handreiking voor het vormgeven van de basisondersteuning op dit specifieke thema.

De kaart betreft een concrete uitwerking van de basisondersteuning waaraan elke school, op basis van de gezamenlijke afspraken in het beleidsdocument ANB ten minste moet voldoen. Het beschrijft de kennis en vaardigheden die nodig zijn om de basisondersteuning op dit thema te organiseren, te ontwikkelen en uit te kunnen voeren op school.

Het richt zich op een ononderbroken ontwikkeling voor alle leerlingen onder andere door inzet van handelingsgericht werken.

Het inzetten van deze kaart betreft voor 2026-2027 een pilot. Na een half jaar worden de themakaarten geëvalueerd met het veld op praktische uitvoerbaarheid van de basisondersteuning, waarna na aanpassingen de themakaarten zullen worden vastgesteld.

Formeel valt dit thema onder de basisondersteuning en niet onder ‘extra ondersteuning’ zoals gedefinieerd in de wet Passend Onderwijs.

Voor langdurig zieke leerlingen (een leerling die (mogelijk) acuut, ernstig of langdurig ziek wordt en extra onderwijszorg nodig heeft) zijn er regelingen en ondersteuning vanuit de Inspectie van het Onderwijs en andere organisaties, zoals Ziezon en  LWOE. Scholen zijn verantwoordelijk voor het bieden van passend onderwijs. Dit kan maatwerk in onderwijstijd of extra ondersteuning inhouden. De Inspectie van het Onderwijs houdt toezicht op de kwaliteit van het onderwijs, inclusief de ondersteuning van leerlingen met langdurige ziekte.

HGW 

Waarnemen:
Het signaleren van leerlingen die acuut, ernstig of langdurig ziek worden en extra onderwijszorg nodig hebben.

*In dit stuk spreken wij over de rol van de zorgcoördinator of de orthopedagoog. Het kan per school verschillen welke benamingen gebruikt worden voor de verschillende rollen. Zo kan het voorkomen dat de beschreven rollen in jouw school bij bijvoorbeeld een leerlingcoördinator, schoolpsycholoog of teamleider liggen.

  • Warme overdracht PO > VO
  • School houdt de aanwezigheid van de leerlingen bij in leerlingvolgsystemen.
  • Ouders hebben de plicht om noodzakelijke informatie al tijdens de aanmelding met school te delen.
  • Wanneer de leerling later in het jaar ziek wordt hebben de ouders eveneens de plicht om noodzakelijke informatie met school te delen.
  • Mentor heeft een signalerende rol, eventueel verzuimcoördinator of zorgcoördinator betrekken.
  • Zowel school als ouders signaleren of de begeleiding en onderwijsbehoefte van de leerling aanpassingen behoeft en informeren elkaar hierover.
  • De zorgcoördinator is op schoolniveau de regiehouder en makelaar/schakelaar voor externe contacten, zoals de consulent SWV, de jeugdarts en/of jeugdverpleegkundige. De mentor is het eerste aanspreekpunt voor de ouders. Zorgcoördinator en mentor werken nauw samen. De onderwijsbegeleiding en ondersteuning voor de leerling kan worden besproken in het zorg advies team van de school (met aanwezigheid van ouders; evt. leerling) en externe betrokkenen).
  • De school betrekt de leerling in kader van ‘hoorrecht’ bij het invullen van de onderwijsondersteuning en begeleiding.

Begrijpen/onderzoeken
Begrijpen van wat de leerling die (mogelijk) acuut, ernstig of langdurig ziek wordt aan extra onderwijsbegeleiding nodig heeft.

  • School observeert de leerling in het kader van de passende ondersteuning. Mentor/zorg- coördinator gaat in gesprek met de leerling en ouders. Ouders informeren school over de ziekte en/of ondersteuningsbehoefte van de leerling. Wat kan de school, de leerkracht, de leerling doen, wat kunnen ouders doen?
  • Orthopedagoog, (school) psycholoog of zorgcoördinator heeft kennis van de aandoening/ziekte of stelt zich op de hoogte hiervan. Werkt samen met extra deskundigen voor onderwijs/zorgadvies (vallend binnen het medisch protocol van de school).
  • School is verantwoordelijk voor de concretisering van de ondersteuningsbehoeften van de leerling. Dat wil zeggen, in relatie tot het onderwijs en de ziekte. Dit betekent dat andere factoren die mogelijk een rol spelen uitgesloten worden.
  • Docenten laten leerlingen met een chronische of langdurige ziekte of zoveel mogelijk aansluiten bij het pedagogisch-didactisch niveau van de groep.
  • Voor leerlingen die extra ondersteuning behoeven stelt de school een OPP op.

Plannen
Het plannen van de aanpassing in het onderwijsaanbod (didactisch- en pedagogisch) voor de leerling die (mogelijk) acuut, ernstig of langdurig ziek wordt en extra onderwijsbegeleiding nodig heeft.

  • School stelt vast wat de algemene onderwijs- en ondersteuningsbehoefte is van hun leerling. Wanneer de leerling nog in de fase van intake/ inschrijving zit, vragen zij hier actief naar.
  • De school heeft kennis en inzicht over de ziekte en/of zorgbehoefte van leerlingen met een chronische of langdurige ziekte. Zie Handreikingen voor scholen (voor veel ziektebeelden) 
  • De school stelt zich op de hoogte van de invloed van een ziekte of een zorgbehoefte op het leren en het onderwijs. Er is specifieke aandacht voor lichamelijke opvoeding (i.o.m. de LO docent) en buitenschoolse activiteiten.
  • De school kan de consulent vanuit het swv en/of de experts cluster 3 (VSO Aventurijn) consulteren.

Uitvoeren 
Het onderwijsaanbod aanpassen en/of instanties consulteren.

  • De mentor of begeleider voert minimaal 1 keer per week een gesprekje met de leerling gericht op de voortgang op de gestelde doelen en het welbevinden van de leerling.
  • De mentor (eventueel samen met zorgcoördinator) voert geregeld gesprekken met de ouders om op de hoogte te blijven van het verloop van de ziekte en/of zorgbehoefte van leerlingen met een chronische of langdurige ziekte of epilepsie en ouders op de hoogte te stellen van de voortgang en welbevinden van de leerling.
  • De verblijfsplaats van de leerling kan van invloed zijn op het geven van onderwijs. School legt relevante gegevens vast in het OPP van de leerling, hoe onderwijs vormgegeven wordt en wekelijks contact wordt onderhouden met de leerling:
  • Thuis (school blijft primair verantwoordelijk)
  • Regionaal ziekenhuis/ revalidatiecentrum/ behandelkliniek (school blijft primair verantwoordelijk. Als een leerling is opgenomen in een kliniek, kan er voor onderwijs een factuur volgen. Check dit.)
  • UMC/ Prinses Maxima Centrum voor kinderoncologie (de Educatieve Voorziening van het ziekenhuis kan ondersteunen)
  • School/deelnemers ZAT hanteert stappenplan verzuim (M@zl).
  • School verzorgt nog steeds het onderwijs aan de leerling, ook als deze leerling niet fysiek op school is. Wanneer een leerling achterstanden oploopt stelt de school een plan/aangepast programma op in samenspraak met vakdocenten.
  • Wanneer er sprake is van onderschrijding onderwijstijd staat dit in het OPP vermeld en is dit gemeld door de school bij inspectie en leerplicht. Afwijking onderwijstijd – Steunpunt Passend Onderwijs

De school kan de volgende instanties consulteren: 

De consulent vanuit het SWV en/of expert cluster 3 (Aventurijn):

  • Denkt mee om de hulpvraag verder te onderzoeken
  • Denkt mee over de implementatie van adviezen van bijvoorbeeld LWOE of Ziezon
  • Deelt expertise met de school
  • Verwijst naar informatie en zet school waar wenselijk op het spoor van externe organisaties en aanmelding voor het ZAT
  • Denkt mee met en adviseert bij het vormgeven van de ondersteuning door de school
  • Denkt mee over de implementatie van adviezen van artsen of externe organisaties
  • Verwijst naar informatie
  • Kan observaties doen binnen de school. Voor een aanvraag van een consult op leerlingniveau door de consulent vanuit het SWV is er een aanmelding nodig van school in Indigo en toestemming van ouders
  • Kan aanvullend observeren om de school handelingsadviezen te bieden.

LWOE kan advies geven bij vastgestelde diagnose van epilepsie (en narcolepsie). Er zitten geen kosten aan voor ouders en school. LWOE doet intakes met ouders en school. Zij vragen medische gegevens op bij de medisch specialisten. Een observatie in de klas behoort tot de mogelijkheden.

Netwerk Ziezon verstrekt informatie over en adviseert bij somatische ziekten. Deze hulp is op ieder niveau altijd gratis. Een somatische diagnose hoeft dan nog niet gesteld te zijn. Netwerk Ziezon kan verder advies en informatie geven, wanneer een diagnose is gesteld of wanneer hier nog onderzoek naar gedaan wordt door een arts.

Gemeente Almere: Aanvraag jeugdhulp door JGZ 

Zie de kenniskaart voor literatuursuggesties. 

Voetnoot: ANB ondersteuningskaart extra aanvullende ondersteuning. Pilotversie mei 2026, geldig t/m juli 2027

Extra (aanvullende) ondersteuning

Elke school voldoet aan de basisondersteuning zoals verwoord in de gezamenlijke afspraken in het beleidsdocument Almeerse Norm Basisondersteuning. Elke school stelt daarnaast ambities vast voor het ontwikkelen van de extra aanvullende ondersteuning op één of meerdere thema’s, passend bij het ondersteuningsprofiel van de school.  

De themakaarten zijn een handreiking voor scholen om de extra aanvullende ondersteuning op een thema te organiseren, te ontwikkelen en uit te kunnen voeren op school. 

Deze ondersteuningskaart is bedoeld voor de onderwijsprofessional en geeft een concrete uitwerking van wat de school in de extra aanvullende ondersteuning kan vormgeven. De kenniskaart beschrijft hoe, met welke inzet van kennis en vaardigheden, de school dit kan doen.  

De ondersteuning richt zich op een ononderbroken ontwikkeling voor alle leerlingen onder andere door inzet van handelingsgericht werken.  

Het inzetten van deze kaart betreft voor 2026-2027 een pilot. Na een jaar worden de themakaarten geëvalueerd met het veld op praktische uitvoerbaarheid, waarna na aanpassingen de themakaarten zullen worden vastgesteld.  

Voor langdurig zieke leerlingen (een leerling die (mogelijk) acuut, ernstig of langdurig ziek wordt en extra onderwijszorg nodig heeft) zijn er regelingen en ondersteuning vanuit de Inspectie van het Onderwijs en andere organisaties, zoals Ziezon  en LWOE. Scholen zijn verantwoordelijk voor het bieden van passend onderwijs, en dit kan maatwerk in onderwijstijd of extra ondersteuning inhouden. De Inspectie van het Onderwijs houdt toezicht op de kwaliteit van het onderwijs, inclusief de ondersteuning van leerlingen met langdurige ziekte.

  • School doet waar mogelijk de nodige aanpassingen in het gebouw om de leerling fysiek toegang te kunnen geven aan het onderwijs.
  • School voorziet waar mogelijk in andere middelen die bijdragen aan het deelnemen van onderwijs door de leerling, zoals een kamer met bed, verschoonruimte, lift.
  • School biedt waar mogelijk, mogelijkheden om externe instanties om de leerling op school te kunnen behandelen, zoals een ruimte voor fysiotherapie.
  • School werkt nauw samen met revalidatiecentra, ziekenhuizen etc. voor een integraal programma.
  • School heeft arrangementsgelden vanuit het SWV. Deze kunnen ingezet worden voor individuele arrangementen. Een (zieke) leerling moet hiervan kunnen profiteren als individuele zorg nodig is. In overleg met de consulent passend onderwijs kan besproken worden welke andere specifieke (financiële) ondersteuning mogelijk is.
  • Netwerk Ziezon: Naast de zorg die school zelf levert, kan er in enkele gevallen ook een vraag voor onderwijs aan huis of in het regionaal ziekenhuis aangevraagd worden. Deze zorg is van tijdelijke aard. De totale lengte van het traject is maximaal 12 weken (of 12 interventies). Tussentijds advies kan altijd aangevraagd worden. School is verantwoordelijk voor het aanleveren van lesmateriaal.
  • Het Flevoziekenhuis in Almere heeft een samenwerking met het UMC/ Prinses Maxima Centrum voor kinderoncologie. Consulenten OZL geven in het ziekenhuis les. Zij zullen contact leggen met de school over de hulpvraag en zullen vragen naar lesmateriaal.

Voetnoot: ANB ondersteuningskaart extra aanvullende ondersteuning. Pilotversie mei 2026, geldig t/m juli 2027.