Vaccineervoorrang: vergeet het speciaal onderwijs niet

Onderwijs wordt door beleidsmakers vaak geduid in cijfers en statistieken. Daarachter gaat een hele wereld schuil aan kleine verhalen, met grote impact, zeker ook in het (voortgezet) speciaal (basis) onderwijs. Daarom is het ook zo frustrerend dat deze leraren, in tegenstelling tot hun collega's in de zorg, niet in aanmerking komen voor vroegtijdige vacctinatie 

Er is een niet te bedwingen gewoonte ontstaan om de conditie van ons onderwijs uit te drukken in getallen en cijfers. Of in statistieken. Dan schrikken we enorm omdat kinderen x procent aan taalvaardigheid hebben ingeboet of dat het aantal thuiszitters met x procent is gestegen of als er niet de gewenste groei is in de CITO-score is. Maar cijfers hebben ook de nare eigenschap dat de organisatie die ze aanlevert ook meteen de schuld krijgt als de cijfers geen vooruitgang tonen. Het is een logica die zichzelf voortdurend in stand houdt, want als het slechter gaat moeten er cijfers komen om te laten zien dat de weg omhoog weer is gevonden.  Zo zucht het onderwijs onder een voortdurende dreiging van de cijfermatige teruggang.  

Kleine verhalen
Maar er is natuurlijk ook een andere werkelijkheid. Daarover verhaalt Femke van den Akker, leerkracht bij de Bongerd, school voor speciaal onderwijs in Almere. Zij doet regelmatig op LinkedIn verslag van een voorval in haar klas. Lees even mee:
 

Het zijn deze kleine verhalen die ontroeren. In die verhalen schuilt de kracht van het onderwijs, en ik denk in het bijzonder de betekenis van het (voortgezet)speciaal (basis)onderwijs. Daar gaat het vaak om bijzondere kinderen met bijzondere gebruiksaanwijzingen. Vergeet niet dat er soms sprake kan zijn van agressie of psychische problematiek, en een deel van de leerlingen in het speciaal onderwijs is afhankelijk van fysieke hulp bij eten, drinken en toiletgang. Het is ook niet alleen onderwijs, het is ook zorg. Nabijheid is daarbij een essentiële behoefte voor een aantal leerlingen om tot ontwikkeling te komen.  En 1,5 meter afstand houden is dan dus veelal niet mogelijk.  

Geen vroegtijdige vaccinatie
Niet meer dan terecht dat hun begeleiders in de zorg inmiddels nagenoeg allemaal gevaccineerd zijn en beschermd worden. Dat verlaagt immers het risico op besmetting. Maar vreemd genoeg komen hun leerkrachten in het speciaal onderwijs niet voor een vroegtijdige vaccinatie in aanmerking, terwijl zij met dezelfde jongeren zo’n zeven uur per dag in de weer zijn. Daar hoor je in Den Haag vrijwel niemand over. 

De gevolgen zijn daar naar. Voortdurend zijn er leerkrachten afwezig die getest worden of op een testuitslag wachten. Hierdoor is het dagelijks, ook al bieden de sneltesten soelaas,  een opgave om de school te bemensen met voldoende competent personeel. Dat is extra lastig omdat thuis- en afstandsonderwijs vaak lastig uitvoerbaar is voor veel leerlingen in het speciaal onderwijs. Precies om die reden mochten de scholen  voor speciaal onderwijs (SO) vanaf januari ook open.

In een scherpe opiniebijdrage in de Volkskrant van 18 maart toonde Ronald Kamerman,  directeur van de Mackayschool (speciaal onderwijs met een SO- en VSO-afdeling voor leerlingen van 4 tot 20 jaar) zich terecht gefrustreerd over het onrecht dat zijn leerkrachten wel zorg moeten leveren maar geen extra bescherming krijgen. Het zal wel te maken hebben met het geringe aandeel van het speciaal onderwijs in het geheel, zo vermoedt hij. Hij schrijft: ‘Ach, het gaat immers ook maar om zo’n 2 procent van alle leerlingen in het basisonderwijs en nog geen 4 procent van de leerlingen in het voortgezet onderwijs. Zou dat ook niet de reden zijn dat er zo weinig aandacht is voor deze leerlingen en het personeel in onze sector, vraag ik mij wel eens af.’

Ik vrees dat het erger is. Ik denk dat veel beleidsmakers geen idee hebben wat er in het speciaal onderwijs gebeurt. Voor hen is het inderdaad een klein hoekje in de grote onderwijswereld. Voor hen bestaat het onderwijs uit reeksen, cijfers en aantallen. Ze hebben geen weet van de Femkes en vele andere leerkrachten, die dagelijks kleine verhalen vertellen.  Ze kennen de verhalen niet, en als ze die horen kunnen ze deze eigenlijk geen plaats geven in het beleid.  Dat is zorgelijk. Dat juist deze kringen de komende jaren 8,5 miljard aan extra incidenteel geld aan het onderwijs mogen besteden belooft daarom niet direct iets goeds. Sterker, het doet het ergste vrezen.  

Hetty Vlug